Bouwstenen en voorzieningen

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken

Alle overzichten en CSV-downloads

Bouwstenen en voorzieningen

Hieronder staan alle Bouwstenen, Bouwstenen internationaal en overige generieke Voorzieningen die in de NORA-wiki staan in alfabetische volgorde. Klik op de naam van de voorziening voor meer informatie en een link naar de beheerder.

Voorziening of Bouwsteen Beschrijving
14+ netnummer Met een 14+netnummer krijgen gemeenten een herkenbare telefonische ingang. Een 14+netnummer begint met de cijfers 14 en eindigt op het netnummer van de gemeente (zoals 14 010 of 14 0115). Door te bellen met het 14+netnummer komt de burger uit bij zijn gemeente.
Antwoord voor bedrijven De website Antwoord voor bedrijven maakt ondernemers wegwijs door de grote hoeveelheid informatie van de overheid. Binnen- en buitenlandse dienstverleners vinden op deze website informatie van de overheid over onder meer wet- en regelgeving, vergunningen en aanvraagprocedures. Daarnaast kunnen zij via dit elektronische kanaalCommunicatiekanaal dat bij de dienstverlening wordt gebruikt. Elk kanaal kent verschillende vormen waarin informatie kan worden gedeeld. met overheidsorganisaties procedures en formaliteiten afwikkelen, zoals het aanvragen en verkrijgen van vergunningen. Antwoord voor bedrijven voert regelmatig gebruikersonderzoeken met een actief ondernemerspanel uit. Zo houden ze in de gaten of het loket aansluit op de wensen van de gebruikers.
BAG (Basisregistraties Adressen en Gebouwen) De Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) is de registratie waarin gemeentelijke basisgegevens over alle gebouwen en adressen in Nederland zijn verzameld. De BAG is gebaseerd op de Wet basisregistraties adressen en gebouwen. Gemeenten zijn bronhouder van de gebouw- en adresgegevens. Alle bestuursorganen zijn verplicht om vanaf 1 juli 2011 gebruik te maken van de BAG bij de uitvoering van hun publiekrechtelijke taken.
BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie) De Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) wordt een uniform topografisch basisbestand met objecten in heel Nederlandop een schaal van 1:500 tot 1:5.000. Het doel van de realisatie van de BGT is dat de hele overheid gebruik maakt van dezelfde basisset grootschalige topografie van Nederland. Topografie is de beschrijving van de fysieke werkelijkheid. Dus de dingen die in het terrein fysiek aanwezig zijn.
BLAU (Basisregistratie Lonen Arbeidsverhoudingen en Uitkeringen) BLAU zal bestaan uit een kernset van de gegevens uit de huidige Polisadministratie van het UWV. De polisadministratie is reeds operationeel en gevuld. Zij het niet met de wettelijke status van een basisregsitratie (de planning van de Polisadministratie is daarom niet opgenomen in de releasekalender). Gegevens uit de Polisadmistratie kunnen echter wel geleverd worden aan overheidsorgansiaties (voor zover wetgeving dat toestaat). Wat betreft planning bevindt BLAU zich nog in een pril stadium. Er is nog geen besluit genomen of de basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. BLAU onwikkeld wordt.
BRI (Basisregistratie Inkomen) De Basisregistratie Inkomen (BRI) bevat van circa dertien miljoen burgers het authentieke inkomensgegeven. Dit is het verzamelinkomen, of als dat er niet is, het belastbare jaarloon over het afgelopen kalenderjaar. En gegevens zoals het burgerservicenummer (BSN).
BRK (Basisregistratie Kadaster) De Basisregistratie Kadaster (BRK) bevat informatie over percelen, eigendom, hypotheken, beperkte rechten (zoals recht van erfpacht, opstal en vruchtgebruik) en leidingnetwerken. Daarnaast staan er kadastrale kaarten in met perceel, perceelnummer, oppervlakte, kadastrale grens en de grenzen van het Rijk, de provincies en gemeenten.
BRO (Basisregistratie Ondergrond) De Basisregistratie Ondergrond (BRO) wordt dé centrale database met alle publieke gegevens van de Nederlandse ondergrond. De BRO bouwt voort op bestaande registraties van ondergrondgegevens, zoals DINO (Data en InformatieBetekenisvolle gegevens. van de Nederlandse Ondergrond) en NLOG (NL Olie- en Gasportaal), die worden beheerd door TNO-GDN, en BIS Nederland (Bodem InformatieBetekenisvolle gegevens. Systeem), dat wordt beheerd door Alterra. Er komen voortdurend nieuwe gegevens bij, onder meer afkomstig van meetnetten, vergunningen en civieltechnische werkzaamheden. Daardoor bevat de BRO steeds de meest actuele gegevens over de geologische en bodemkundige opbouw en samenstelling van de Nederlandse ondergrond en de daarin aanwezige natuurlijke hulpbronnen, waaronder grondwater, delfstoffen als zand en grind en energiebronnen als aardolie en aardgas. Al deze gegevens zijn kosteloos beschikbaar en toegankelijk voor overheden, bedrijven en burgers.
BRP (Basisregistratie Personen) De Basisregistratie Personen (BRP) is een basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. in ontwikkeling (programma Modernisering GBA). De BRP bevat persoonsgegevens over alle ingezetenen van Nederland en over personen die niet in Nederland wonen - of hier slechts kort verblijven - maar die een relatie hebben met de Nederlandse overheid, de 'niet-ingezeten'.

De BRP wordt gebaseerd op twee bestaande administraties:

  • GBA (Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens): Gegevens over personen ingeschreven bij een Nederlandse gemeente. De GBA heeft op dit moment al de status van een basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie.;
  • RNI (Registratie Niet-Ingezetenen). Gegevens over personen die niet in Nederland wonen, maar wel een relatie met de Nederlandse overheid hebben. Zoals grensarbeiders, buitenlandse studenten en 'pensionado's'.
De defitieve invoeringsdatum van de RNI is afhankelijk van de inwerkingtreding van de nieuwe wet basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. personen.Daarnaast is er nog de PIVA Verstrekkingen. Deze bevat gegevens over personen ingeschreven op de BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba). De persoonslijsten in de PIVA-V en de persoonslijsten in de GBA komen grotendeels overeen, maar er zijn enkele verschillen. In het document ‘Verschillenmatrix persoonslijst GBA versus PIVA’ worden deze verschillen beschreven. Mogelijk zullen in de toekomst de BES-eilanden ook onderdeel uitmaken van de BRP. Daar is echter nog geen besluit over genomen.
BRT (Basisregistratie Topografie) De Basisregistratie Topografie (BRT) is dé unieke bron voor alle topografische informatie. De BRT gegevens worden geactualiseerd, beheerd en uitgeleverd door het Kadaster.
BRV (Basisregistratie Voertuigen) In de Basisregistratie Voertuigen worden gegevens vastgelegd over voertuigen en de eigenaren daarvan. Uit de registratie verstrekt de DienstEen afgebakende prestatie van een persoon of organisatie (de dienstverlener), die voorziet in een behoefte van haar omgeving (de afnemers). voor het Wegverkeer informatie aan burgers en bedrijven. De gegevens zijn landelijk beschikbaar voor overheidsinstanties, zoals de politie en de Belastingdienst.
BV BSN (Beheervoorziening BSN) De Beheervoorziening BSN (BV BSN) is het geheel van voorzieningen dat zorgt voor het genereren, distribueren, beheren en raadplegen van het BSN. De Beheervoorziening regelt ook de toegang tot de identificerende gegevens in de achterliggende authentieke registraties (GBA en de toekomstige Registratie Niet-ingezetenen (RNI) en de verificatieregisters voor de identiteitsbewijzen ter verificatie van de identiteit aan het loket. De Wet algemene bepalingen burgerservicenummer (BSN) regelt dat alle overheidsorganen van het BSN gebruik kunnen maken voor het uitvoeren van hun taak. Daarnaast kunnen bij of krachtens de wet gevallen worden geregeld waarin ook anderen dan overheidsorganen van het BSN gebruik dienen te maken.
Berichtenbox voor bedrijven De berichtenbox voor bedrijven is een beveiligd e-mailsysteem waarmee u, via Antwoord voor bedrijven, digitaal berichten kunt uitwisselen met Nederlandse overheidsinstanties (de Rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen). De berichtenbox is bedoeld voor ondernemers die gevestigd zijn in de Europese Economische Ruimte (EER) - dus ook in Nederland - en die hun diensten in Nederland willen aanbieden. De berichtenbox kan gebruikt worden voor procedures die onder de Dienstenwet vallen, en voor procedures waarbij de bevoegde instantie ervoor gekozen heeft deze (ook) via de berichtenbox te laten verlopen.
Berichtenbox voor burgers De berichtenbox (op MijnOverheid) is de digitale postbus voor berichten van de overheid aan burgers. De gemeente meldt bijvoorbeeld dat een paspoort moet worden verlengd. Of de RDW meldt dat een auto gekeurd moet worden. Als er een bericht in de box staat, wordt dit per e-mail gemeld aan de betreffende persoon. Berichten versturen via de berichtenbox is (nog) niet mogelijk.
Burgerservicenummer (BSN) Het burgerservicenummer (BSN) is het persoonsnummer voor contacten met de overheid. Dit unieke nummer helpt om bijvoorbeeld persoonsverwisselingen te voorkomen. Iedereen die zich voor het eerst inschrijft bij een gemeente krijgt een BSN. Ook een pasgeboren kind krijgt bij de aangifte van de geboorte meteen een BSN. Het BSN staat op het paspoort, rijbewijs en identiteitskaart.
Business Register Interconnection System (BRIS) Het samenwerken van handelsregisters heeft een lange geschiedenis, beginnend met projecten als het European Business Register (EBR) in 1992, gevolgd door het European Commerce Registers’ Forum (ECRF) in 1998, het BRITE-project (2006-2009), en eJustice/e-CODEX en fora als CRF (Corporate Registers Forum) en IACA (International Association of Commercial Administrators). Het BRITE-project uit het IDABC-programma onderzocht een interoperabiliteitsmodel en elektronisch communicatieplatform voor Europese samenwerkende handelsregisters. De EC spoorde ook het ontwikkelen van het Informatiesysteem voor de Interne markt (IMI) aan.

In een green paper uit 2009 wordt samenwerking tussen handelsregisters en toegang tot informatie voor grensoverschrijdende procedures, zoals internationale fusies, uiteengezet. Deze uitgangspunten werden vastgelegd in EU Verordening 2012/17/EU aangaande het koppelen van handelsregisters. Deze verordening verplicht handelsregisters samen te werken in een elektronisch meertalig netwerk en een uniek internationaal nummer voor registraties (het REID) te hanteren. De Nederlandse Kamer van Koophandel onderschrijft de resultaten van het BRITE-project en de steun van de EC bij het implementeren hiervan.

In het CEF DSI wordt het Business Register Interconnection System (BRIS) ontwikkeld, als platform voor informatieuitwisseling. Deze zou actief moeten zijn in Q2 2017. De technische volwassenheid hiervan is echter beperkt en bevindt zich nog in een vroege fase.
CCN CSI Het Common Communication Network/Common System Interface (CCN/CSI) is een internationaal netwerk voor de douane- en en belastingautoriteiten. Het voorziet in een afgesloten, veilige verbinding voor de uitwisseling van gegevens tussen nationale overheidsorganen in Europa. Dit netwerk werd opgezet naar aanleiding van resolutie 253/2003/EG. CCN/CSI wordt beheerd door Directoraat-generaal Taxation and Customs Union (TAXUD). CCN/CSI verwerkte 1.7 miljard data uitwisselingen per jaar in 2014. Het New Computerised Transit Control System (NCTS) voor verkeer van goederen koppelt bijvoorbeeld via de CCN/CSI gateway.
Core Vocabularies Core Vocabularies draait om Semantiek.
Cyber security Het CEF Cyber security DSI beoogt een coöperatieplatform voor beveiliging, reageren en informatie-uitwisseling met betrekking tot cyberdreigingen, vergelijkbaar met initiatieven als FISHA, ENISA, MISP of DENSEK. Deze activiteiten worden onderschreven door de Europese Strategie voor Cybersecurity en het Network and Information Security (NIS) Directive, en het onderhanden NIS Directive 2. Dit DSI bouwt voort op eerdere initiatieven als NEISAS en ENISA-CERT. In het CEF-werkprogramma voor 2014 werden voorbereidingen getroffen voor een dergelijk platform. Een eerste implementatie stond als doel in het CEF werkprogramma voor 2015, met een lancering van de fysieke infrastructuur in 2016.
DigiD DigiD is het digitale authenticatiesysteem voor overheidsorganisaties en publieke dienstverleners. Met DigiD kunnen zij online de identiteit van burgers vaststellen. DigiD zorgt ervoor dat overheidsorganisaties en publieke dienstverleners betrouwbaar zaken kunnen doen met burgers via hun website. Logt een burger met zijn persoonlijke DigiD in? Dan krijgt hij via DigiD het Burgerservicenummer (BSN) teruggekoppeld. Zo weten ze precies met wie ze te maken hebben, en kunnen ze direct nagaan welke informatie ze al hebben over een persoon.
DigiD Machtigen Met DigiD Machtigen kunnen burgers hun overheidszaken via internet door iemand anders laten regelen. Dit is handig als ze hier zelf niet toe in staat zijn. Of ze vinden het makkelijk als iemand anders dit voor ze doet. Het afstaan van de persoonlijke DigiD is hierbij niet nodig.

Organisaties die gebruik mogen maken van DigiD kunnen DigiD Machtigen inzetten voor alle digitale diensten aan burgers waarvoor zij DigiD inzetten.

Sinds 2012 is het, met de invoering van de diensten catalogus, mogelijk om met één machtigingshandeling een burger voor meerdere diensten te machtigen.
DigiInkoop DigiInkoop (voorheen Elektronisch Bestellen en Factureren (EBF)) is de nieuwe digitale voorziening voor de Rijksdienst en haar leveranciers om het inkoopproces efficiënter, doelmatiger, rechtmatiger en makkelijker te maken. In 2012 en 2013 wordt DigiInkoop gefaseerd ingevoerd bij de ministeries en agentschappen. DigiInkoop bestaat uit een berichtenverkeervoorziening (BVV via Digipoort) en een e-purchasingvoorziening (EPV).
DigiPoort OTP (Transactiepoort) Één van de twee interfaces voor Digipoort.
Digikoppeling Digikoppeling bestaat uit, door het College Standaardisatie vastgestelde, koppelvlakstandaarden. Die standaarden bevatten logistieke afspraken om berichten juist te adresseren, leesbaar en uitwisselbaar te maken en veilig en betrouwbaar te verzenden.

Digikoppeling gaat over de 'envelop' en voert uit wat daar op staat. De gegevens gaan dan naar de juiste overheidsorganisatieNORA doelt met het begrip 'overheidsorganisaties' zowel op overheden als op semi-overheid- en private organisaties met een publieke taak. en naar het juiste adres. Aangetekend of juist niet, versleuteld, als herhaalde aanbieding, of retour-afzender. De inhoud van het bericht in de envelop is voor de geadresseerde.

Digikoppeling onderkent twee hoofdvormen van berichtenverkeer: bevragingen en meldingen. De vorm van het berichtenverkeer bepaalt welke koppelvlakstandaard moet worden geïmplementeerd (in de meeste gevallen zal een organisatie aan beide behoefte hebben)

Uitgangspunt van Digikoppeling is dat een organisatie op één plaats in de eigen ICT-infrastructuur een koppelpunt volgens Digikoppeling inricht.

Digikoppeling biedt een aantal ondersteunende voorzieningen voor de implementatie: Serviceregister, Compliancevoorzieningen en CPA-creatievoorziening.

Digikoppeling bestaat dus uit:

Digilevering Overheidsinstellingen moeten op de hoogte zijn van gebeurtenissen die voor hun taken relevant zijn. Denk aan de geboorte van een persoon, het starten van een onderneming of het vaststellen van een inkomen. Basisregistraties kunnen gegevens over deze gebeurtenissen leveren. Afnemers van de basisregistraties kunnen zich met Digilevering abonneren op deze gebeurtenissen.
Digimelding Digimelding is de generieke oplossing voor het melden van onjuistheden in basisregistraties. Wanneer overheidsorganisaties gebaseerd op hun eigen informatie vermoeden dat een gegevenWeergave van een feit, begrip of aanwijzing, geschikt voor overdracht, interpretatie of verwerking door een persoon of apparaat in een basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. niet (meer) klopt, kunnen ze dat met Digimelding melden aan de bronhouder. Die onderzoekt de melding vervolgens en wijzigt als dat nodig is de gegevens in de basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie.. Digimelding zorgt dat meldingen op een uniforme wijze gebeuren en bij de juiste bronhouder terecht komen.

Digimelding bestaat uit twee onderdelen:

Digimelding BLT Een voorziening voor het laagdrempelig terugmelden door afnemers.

Door één terugmeldvoorziening te ontwikkelen wordt voorkomen dat iedere basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. deze voorziening apart moet ontwikkelen. Ook hoeft een afnemerDe persoon of organisatie die een dienst in ontvangst neemt. Dit kan een burger, een (medewerker van een) bedrijf of instelling dan wel een collega binnen de eigen of een andere organisatie zijn. niet aan iedere

basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie. op een afwijkende manier terug te melden.
Digimelding Specificaties De Digimelding Annotatie Specificatie (Digimelding AS) en de Digimelding Protocol Specificatie (DMPS) zijn specificaties voor het uitwisselen van terugmeldingen.
Diginetwerk Koppelen gesloten netwerken (o.a. Haagse Ring, Rijksconnect, Rijksinternet)
Digipoort Digipoort is dè plek op internet waar bedrijven hun digitale informatie voor de overheid kunnen aanleveren. Digipoort zorgt er voor dat deze bij de juiste overheidsinstantie wordt afgeleverd. Of in omgekeerde richting.
Digipoort PI (Procesinfrastructuur) Één van de twee interfaces voor Digipoort.
E-Documents Het e-Documents bouwblok is een container-component bedoeld om bedrijfsinformatie om te zetten in een herkenbaar en gestandaardiseerd digitaal format. Dit bouwblok consolideert bestaande oplossingen voor ongestructureerde bedrijfsinformatie. e-Documents ondersteunt verschillende gestructureerde en ongestructureerde documenten. Ook ondersteunt het applicaties in het verwerken van documenten. Een aantal functies zijn het bevatten van meerdere payloads, metadata, en veilige routing met e-Delivery. e-Documents maakt gebruik van de ASiC container uit e-CODEX en andere componenten uit SPOCS (OCD) en PEPPOL (VCD). e-Documents hanteert hiervoor de SBDH, RDF/XML, ASiC en ODP standaarden.
E-Identity E-Identity wordt voortgezet in eID, binnen Connecting Europe Facility (CEF). Het doel van e-Identity was een grensoverschrijdend digitaal authenticatiemiddel voor gebruik in verschillende eGovernment applicaties. Hiermee kunnen burgers en bedrijven hun nationale middel (Digid, eHerkenning) gebruiken voor overheidsdiensten in andere EU-lidstaten. e-SENS levert hiervoor de raamwerk-architectuur{{#var:definitie}} als set van protocollen voor een dergelijke implementatie. e-ID leent vooral van de STORK Large Scale Pilot, maar ook projecten als Future e-ID, en is in lijn met de eIDAS verordening.
E-Trustex e-Trustex is een platform voor vertrouwde online uitwisseling van data, anders dan via e-mail of CD’s, voor publieke dienstverlening. Het werd ontwikkeld in het ISA Programma tussen 2010 en 2015 met een budget van 164.1 miljoen. e-PRIOR is een module binnen het e-Trustex platform voor publieke aanbesteding. e-Trustex draait op het CIPA eDelivery netwerk.
E-factureren Bij e-factureren gaat het om het elektronisch ontvangen en verwerken van facturen. E-factureren heeft als doel om de huidige verwerking van facturen te automatiseren.
EBusiness Deze DSI richt zich op grensoverschrijdende elektronische procedures voor het opzetten en runnen van een bedrijf, ook wel business mobility genoemd. Het is gebaseerd op het Points of Single Contacts (PSC) charter. De DSI is ontleend aan de SPOCS Large Scale Pilot, waarin de nieuwe generatie Points of Single Contact werden ontwikkeld. In e-SENS wordt gewerkt aan het samenbrengen en testen van de verschillende onderdelen uit SPOCS, voordat deze als Business Mobility DSI in CEF verder kunnen worden ontwikkeld. eBusiness maakt onder andere gebruik van de bouwblokken eSignature en eID. Er zijn opties om andere DSI’s te integreren, zoals eCertis of eTranslation. Deze DSI heeft een lage mate van volwassenheid, en er zijn politieke discussies gaande over hoe de volgende generatie PSC’s eruit moet zien. Er is weinig vraag naar grensoverschrijdend gebruik van de PSC’s en in SPOCS werden ook slechts twee pilots uitgevoerd. Het betreft hier dan ook vooral een politieke uitdaging, technisch worden er niet veel uitdagingen benoemd. DG MARKT is verantwoordelijk voor verdere ontwikkeling van deze DSI, maar dit zal zeker niet voor 2017 afgerond zijn.
ECAS De European Commission Authentication Service (ECAS) verleent gebruikers toegang tot een wijde range (250+) aan informatiesystemen van de Europese Commissie, met één en dezelfde account (gebruikersnaam + wachtwoord). ECAS ondersteunt ook single sign-on, een gebruikerIedere persoon, organisatie of functionele eenheid die gebruik maakt van een informatiesysteem hoeft dan niet voor elke dienst opnieuw in te loggen. In het ISA-programma werd ECAS geintegreerd met eID, zodat gebruikers hun nationale eID (in Nederland dus DigiD of eHerkenning) kunnen gebruiken voor toegang tot systemen van de Europese Commissie via ECAS.
ECertis (eProcurement) De Europese verordening 2014/25/EU vereist dat aanbestedingscommunicatie per uiterlijk 2018 elektronisch geschied. eCertis is een publiek beschikbare online informatiebron waar potentiële opdrachtnemers alle documentatie en formulieren kunnen vinden voor grensoverschrijdende publieke aanbesteding. De eProcurement DSI is een eerste stap naar een centraal eCertis systeem. eCertis wordt al sinds 2009 aangeboden als online tool, maar hier wordt een API aan toegevoegd. Deze webservice is essentieel voor integratie in de systemen van de lidstaten. Er is samenwerking met eSENS in de verdere ontwikkeling van eCertis, waaronder een pilot met virtuele ondernemingsdossiers (VCD’s). De technische specificaties voor het VCD werden ontwikkeld in PEPPOL.
EDelivery Het eDelivery bouwblok van CEF maakt het mogelijk voor overheidsinstituten om gegevens betrouwbaar en interoperabel te delen met andere (buitenlandse) overheidsorganen, burgers en bedrijven. Dit is ook een voortzetting van het eSENS bouwblok met dezelfde naam. Hiertoe worden verscheidene standaarden en communicatieprotocollen aangewend.

Elke aangesloten partij wordt een node in een netwerk van access points. Per project of domein bestaan verschillende nodes in de verschillende lidstaten. Elk type data of documenten zou via eDelivery moeten kunnen worden verzonden. Wanneer een node de technische specificaties zoals bepaald in eDelivery volgt en verbonden is met een andere node, kunnen gegevens worden uitgewisseld.

De technische specificaties werden ontleend aan Standards Developing Organizations (SDO’s) als ETSI en OASIS. De berichtenuitwisseling is bijvoorbeeld gebaseerd op de AS4 standaard van OASIS. De Europese Commissie (EC) verzorgt ook een metadata-dienst voor eDelivery. De EC beheert ook sample software volgens de eDelivery specificaties, zoals OXALIS, DOMIBUS en CIPA, en e-SENS beheert een lijst van commerciële en niet-commerciële implementaties van AS4. Dit bouwblok is een samenwerking met e-SENS en e-CODEX. Het bouwt daarnaast voort op PEPPOL en SPOCS.

De technische implementatie van eDelivery wordt georganiseerd door het Directoraat-generaal Informatica (DIGIT); beleid voor eDelivery wordt ontwikkeld door het Directoraat-generaal Communications Networks Content & Technology (CONNECT) van de Europese Commissie. eDelivery heeft ook grond in de eIDAS verordening, waarin onder andere wordt bepaald dat elektronische documenten geen juridisch effect mag worden geweigerd op grond van de digitale aard van het document.

Blijf op de hoogte van eDelivery door lid te worden van de joinupgemeenschap eDelivery of lees eerst de pdf met details eDelivery uit 2015.
EHealth De eHealth DSI heeft tot doel grensoverschrijdende samenwerking en informatieuitwisseling op het gebied van gezondheidszorg in de EU te bewerkstellingen. Dit is vastgelegd in Directive 2011/24/EC. Deze DSI is een voortzetting van de gelijknamige e-SENS pilot in CEF. Vier onderdelen worden voorzien in eHealth: grensoverschrijdende patiënten- en medicatiedossiers, het delen van verzekeringsgegevens, een Europees referentienetwerk voor raadpleging van centres of excellence, en interoperabele patiëntregisters voor onderzoek. In de toekomst zouden hier telemedicine diensten aan toe kunnen worden gevoegd.
EHerkenning eHerkenning is een efficiënte én betrouwbare dienst die de digitale herkenning van (zakelijke) afnemers van overheidsdiensten eenvoudig regelt. Een eenvoudige manier van inloggen, identificeren en zetten van digitale handtekeningen met één middel voor meerdere overheidsdiensten. Met eHerkenning is het eenvoudiger voor bedrijven en overheidsdienstverleners om elektronisch zaken (zoals de aanvraag van een bouwvergunning, een ziekmelding van een werknemer of het indienen van een subsidieaanvraag) met elkaar te regelen.
EID Dit bouwblok uit CEF voorziet in publieke dienstverlening aan burgers van andere EU-lidstaten door middel van veilige en betrouwbare authenticatieHet aantonen dat degene die zich identificeert ook daadwerkelijk degene is die zich als zodanig voorgeeft: ben je het ook echt? Authenticatie noemt men ook wel verificatie van de identiteit. van gebruikers. eID is ontwikkeld in STORK en SPOCS, en is een voortzetting van het e-Identity bouwblok in e-SENS. De CEF-oplossing bestaat uit software modules voor lidstaten om de eigen identiteiten te ontsluiten, inclusief benodigde ondersteuning. Het grensoverschrijdend gebruik van nationale digitale identiteiten is vastgelegd in de eIDAS verordening.

eID wordt al op beperkte schaal gebruikt:

  • 12 lidstaten kunnen hun nationale identiteiten al gebruiken voor Europese online dienstverlening via ECAS
  • 5 lidstaten gebruiken STORK al om in te loggen op eDelivery
  • in 5 lidstaten kunnen buitenlandse studenten al online academische diensten gebruiken met hun eID
  • in 10 lidstaten kun je al toeslagen aanvragen met je eID.
Ook in Nederland wordt gewerkt aan een online identiteit die Europees kan worden gebruikt volgens eIDAS in Idensys. Idensys is de publiek/private opvolger van DigiD en eHerkenning met een hoger betrouwbaarheidsniveau. Vanaf 18 september 2018 is eID herkenning door EU-lidstaten verplicht. Doorontwikkeling van eID ontvangt financiering vanuit de CEF tot 2017.
EInvoicing Dit bouwblok helpt publieke dienstverleners elektronische facturatie te implementeren conform het EU eInvoicing Directive 2014/55/EU. Voorheen was de adoptie van elektronische facturatie laag, en waar aanwezig bestond een veelvoud aan syntaxen en standaarden voor facturen en uitwisseling. Het CEN ontwikkelt hiervoor een nieuwe standaard (CEN BII en CEN MUG workshops, CEN/PC 434 , CEN/PC 440) voor facturen van leveranciers aan overheidsorganisaties. Het doel is de inhoud, taal en uitwisseling van facturen te standaardiseren. Volgens 2014/55/EU moeten overheden en leveranciers voldoen aan de standaard per november 2018.

eInvoicing is complementair aan het PEPPOL-netwerk en de eProcurement pilot in e-SENS. CEF ondersteunt zowel overheidsorganisaties als softwareontwikkelaars bij het implementeren van de eInvoicing standaard, middels een website, test-infrastructuur en een helpdesk. eInvoicing kan worden gecombineerd met het eDelivery bouwblok.

17 landen hebben de CEN-standaard al geïmplementeerd in hun PEPPOL-communicatie. Mercurius, het facturatieplatform van de Belgische overheid, dat wordt gebruikt sinds 1 juli 2014, is gebaseerd op het open source platform van de EC, Open e-PRIOR, wat voldoet aan de CEN-standaard.

eInvoicing is bedoeld voor Administration to Business (A2B) en Administration to Administration (A2A) uitwisseling van facturen. eInvoicing is efficiënter en betrouwbaarder dan de huidige praktijk, en moet daarom leiden tot significante kostenbesparing. CEF heeft een budget van € 9 miljoen vrijgemaakt tot 2018 voor het ontwikkelen van de standaard door CEN en het assisteren bij de implementatie door lidstaten. Het technisch management is belegd bij Directoraat-generaal Informatica (DIGIT); het beleid bij het Directorate-General for Internal Market, Industry, Entrepreneurship and SME’s (DG GROWTH).
EJustice Dit CEF-DSI is een voorzetting van de gelijknamige e-SENS pilot en e-CODEX, en geeft invulling aan het e-Justice actieplan, dat in juni 2014 werd aangenomen door de Europese Commissie. De kern van de eJustice DSI wordt gevormd door het eJustice portal, datr is ontwikkeld op basis van e-CODEX.

Het eJustice portaal is toegankelijk sinds 2010, met als doel het enige loket voor juridische zaken in Europa te zijn. Het eJustice portal biedt nu al informatie en formulieren voor een wijde reeks aan juridische grensoverschrijdende procedures. Het is bijvoorbeeld aangesloten op het Europese kadastraal netwerk EULIS.

Aan het portal worden mogelijk nog andere functies toegevoegd, zoals het zoeken naar juridisch professionals in alle lidstaten, een Europees dossiernummer, en een zoekmachine voor jurisprudentie, maar de status van deze diensten is nog onduidelijk. Het eDelivery bouwblok zou ook worden geïntegreerd in het eJustice portal. CEF financiering is nog niet voorzien voor eJustice.
ESignature Dit bouwblok heeft een elektronische handtekening tot doel voor authenticatieHet aantonen dat degene die zich identificeert ook daadwerkelijk degene is die zich als zodanig voorgeeft: ben je het ook echt? Authenticatie noemt men ook wel verificatie van de identiteit. van afzenders van berichten in grensoverschrijdende publieke dienstverlening. De noodzaak en eisen aan digitale handtekeningen zijn vastgelegd in Directive 2006/123/EC en besluit 2011/130/EU , alsmede de eIDAS verordening. Concreet wordt door CEF software aangeboden voor het maken en valideren van eSignatures (Digital Signature Service) en het opzetten en onderhouden van een ‘trusted list’ van vertrouwde uitgevers van deze certificaten (TLmanager). Deze software wordt al succesvol gebruikt in het e-CODEX project, het Deense Single-point-of-contact, en het Franse Agentschap voor Veilige Documenten.
ETranslation Het CEF Automated Translation (AT) bouwblok helpt overheidsorganisaties grensoverschrijdend informatie uit te wisselen over de verschillende taalbarrières in de Europese Unie heen. Het is een voortzetting van MT@EC uit het ISA-programma, en de onderliggende open-source technologie MOSES. MT@EC benut de kennisbank van de EC met vertaalde documenten in de 24 officiële talen van de EU. Het doel is alle CEF DSI’s meertalig te doen functioneren. Ook zijn er stand-alone vertaaldiensten voorzien voor het vertalen van tekst. Ten slotte zorgt AT voor significante kostenbesparing op vertalingen. De technische implementatie verzekert van vertrouwelijke en continue vertaling en kan vertalen binnen een bepaalde context (bijvoorbeeld aanbesteding of medische context). Hiervoor loopt de vertaling via sTESTA, maar dit kan ook via een veilige internetverbinding. AT komt zowel als API voor integratie in digitale toepassingen, als een web interface voor direct gebruik door mensen.
EUCARIS EUCARIS staat voor de EUropean CAR and driving license Information System. EUCARIS is GEEN EU-initiatief, maar gebaseerd op een intergouvernementeel samenwerkingsverband van inmiddels ruim 30 Europese landen gericht op het ontwikkelen en exploiteren van een uitwisselingssysteem voor vervoer- en transport gerelateerde gegevens.

De architectuur{{#var:definitie}} van EUCARIS gebruikt sTESTA als Netwerklaag en daarbovenop een applicatie gebaseerd op web-service technologie.

EUCARIS bestaat uit een generiek framework dat verantwoordelijk is voor de routering en de security van de berichtuitwisseling met daarop specifieke functionele services betreffende voertuigen en hun eigenaren, rijbewijzen, gegevens van transportondernemingen, kilometerstanden etc.

Het systeem koppelt de registraties in de aangesloten landen via nationale contactpunten (NCP’s). Elk land heeft door het gebruik van EUCARIS één interface tussen hun nationale autoriteiten en Europa. De implementatie van nieuwe services wordt hierdoor sterk vereenvoudigd en het beheer veel goedkoper.
EURES EURES (European Employment Services) is een samenwerkingsnetwerk tussen publieke arbeidsdiensten, in samenwerking met vakbonden en verenigingen van werkgevers. Het doel van het EURES-netwerk is vrije beweging van werknemers binnen de EU. Het EURES-netwerk is toegankelijk voor werkgevers en werkzoekenden via een online portal.
Electronic exchange of social security information (EESSI) EESSI is een IT-systeem dat de sociale-zekerheidsorganen in Europe zal helpen informatie uit te wisselen. Dit is vastgelegd in Europese regelgeving (verordeningen 883/2004 en 987/2009) over de coördinatie van sociale zekerheid. Alle grensoverschrijdende gegevensuitwisseling tussen de sociale zekerheidsorganen zal lopen via gestructureerde elektronische documenten in een door de EC beheerde infrastructuur. De verschillende instituten zijn gekoppeld in nationale netwerken, die weer internationaal zijn gekoppeld via access points. Hierin vormt sTESTA de backbone waarover de informatie moet worden gecommuniceerd. EESSI moet leiden tot het efficiënter verwerken van berichtenverkeer in de sociale zekerheid. EESSI was oorspronkelijk een project uit het IDABC-programma. EESSI wordt vanuit de Europese Commissie ontwikkeld door een administratieve commissie en een technische commissie onder leiding van het Directoraat-generaal Employment Social Affairs & Inclusion. Het EESSI-project wordt sinds 2014 bijgestaan door een consortium van 13 sociale-zekerheidsorganen uit 10 EU-lidstaten onder de noemer SAFE (Social Agencies of Future Europe), waaronder de Nederlandse SVB. SAFE levert een bijdrage door tijdens de ontwikkeling van EESSI het systeem te testen, waarbij RINIS optreedt als testmanager, en de implementatie te ondersteunen. Dit wordt gefinancierd door de EC onder SAFE 30-CE-0595730/00-51, getekend in 2013.
Europeana In heel Europa hebben duizenden galerieën, musea en archieven hun kunstcollecties gedigitaliseerd. Deze virtuele kopieën van tekst, beelden en objecten staan opgeslagen op lokale servers of in de Cloud. Europeana is een platform dat het mogelijk maakt deze collecties online publiek te maken, zodat iedereen deze kunstschatten kan ontdekken en gebruiken. De creatieve industrie waar de Europese digitale kunstbronnen input voor leveren beslaat 4% van de Europese banen en BNP. Publiek gemaakt in 2008 als meertalig toegangspunt voor digitaal Europees erfgoed, biedt Europeana reeds toegang tot 33 miljoen objecten van 3000 datapartners uit heel Europa. Het Europeana platform is volwassen en operationeel. Met CEF-financiering wordt het platform verder ontwikkeld en financieel ondersteund.
GBA-V (GBA Verstrekkingsvoorziening) GBA-V staat voor GBA Verstrekkingsvoorziening en is de centrale component in het BRP-stelstel. Alle gegevens uit de gemeentelijke basisregistraties zijn ondergebracht in één centrale, landelijke database: GBA-V. Deze bevat alle persoonslijsten die in de Basisregistratie Personen (BRP) zijn ingeschreven. GBA-V wordt geactualiseerd door de gemeentelijke GBA-systemen. Deze sturen een volledig nieuwe 'persoonslijst' naar GBA-V zodra één of meer van de gegevens op een persoonslijst wijzigt. Een online service zorgt voor de verstrekking vanuit GBA-V van de huidige volledige gegevensset (voor zover geautoriseerd) aan afnemers. GBA-V levert hiermee een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van de BRP.
GEANT Het GÉANT netwerk is de communicatie-infrastructuur voor de Europese gemeenschap voor onderzoek en onderwijs. Dit project wordt gefinancierd door 38 National Research and Education Networks (NRENs), zoals het Nederlandse SURFnet, en de Europese Unie. Het verbindt 50 miljoen gebruikers van 10.000 instituten in heel Europa. Het is ook verbonden met internationale vergelijkbare clusternetwerken van over de hele wereld via eduGAIN. Via deze netwerken worden allerlei diensten ontsloten voor het onderwijs en onderzoek, zoals elektronische leeromgevingen.
LSP (Landelijk Schakelpunt) Het LSP faciliteert het berichtenverkeer tussen zorgaanbieders en registreert waar patiëntgegevens beschikbaar zijn, welke gegevens zijn opgevraagd en door wie. Medische gegevens worden niet opgeslagen in het LSP, maar blijven bij de bron: het dossier bij de huisarts of apotheek. Het LSP beschikt over een intelligente loggingfunctionaliteit. Met deze functionaliteit is altijd te controleren of inzage rechtmatig was. Ook worden hiermee afwijkende aanvragen gesignaleerd.

Het LSP is onderdeel van de zorginfrastructuur, die verder bestaat uit goed beheerde zorgsystemen (GBZ’en) en goed beheerde zorgnetwerken (GZN's). De zorginfrastructuur kenmerkt zich door unieke identificatieHet bekend maken van de identiteit van personen, organisaties of IT-voorzieningen. van personen en organisaties aan de hand van:

  • het Burgerservicenummer (BSN) voor patiënten;
  • het UZI-nummer (Unieke Zorgverlener Identificatie) voor zorgverleners (persoon);
  • de URA (Unieke Registratie Abonneehouder) voor zorgaanbieders (organisatie).
Lijst Open Standaarden voor Pas Toe of Leg Uit Overheden zijn verplicht de open standaarden, die op de lijst met 'pas toe of leg uit'-standaarden staan, bij aanschaf van ICT-systemen/-diensten te eisen ('pas toe'). Afwijken mag alleen met zwaarwegende reden en hierover moeten ze verantwoording afleggen via het jaarverslag ('leg uit'). Het gaat om standaarden waarvoor wel draagvlak bestaat maar die nog niet breed geadopteerd zijn.
MT@EC Documenten die door de Europese Commissie en andere EU-instituten worden gebruikt dienen beschikbaar te zijn in 24 nationale talen. Het volume van deze content maakt het onmogelijk de vertaling aan mensen over te laten. De EC voorziet daarom al jaren een automatische vertaalmachine die een zekere “ruwe” machine-vertaling geeft voor een beperkt aantal talen.

Maar vertaaltechnologie heeft veel vooruitgang geboekt (in de vorm van Statistic Machine Translation, SMT), waardoor de kwaliteit, snelheid, ondersteuning van aantal talen en kosten drastisch verbeterd kunnen worden. MT@EC ontwikkelde daarom een nieuw vertaalsysteem, gebaseerd op SMT. De MT@EC-vertaaldienst kan tussen 552 taalparen vertalen en is compliant met regelgeving omtrent vertrouwelijkheidDe eigenschap dat informatie niet beschikbaar wordt gesteld of wordt ontsloten aan onbevoegde personen en informatie-uitwisseling.

MT@EC is operationeel sinds juni 2013 en wordt door verschillende EU-instituten gebruikt. Het is ook online beschikbaar in Europese diensten als IMI, SOLVIT, en nLex. MT@EC is een van de centrale bouwblokken in het [[Connecting Europe Facility (CEF)}CEF]] DSI-ecosysteem, in de vorm van het CEF.AT platform. MT@EC ontving financiering uit ISA2 en in het verleden uit het CIP. Automatische vertaling wordt voortgezet in eTranslation en heeft ook belangstelling binnen de programma’s FP7 en Horizon 2020.
MijnOverheid MijnOverheid is het digitale loket waar burgers hun persoonlijke gegevens bij overheidsorganisaties kunnen inzien, briefpost van overheidsorganisaties digitaal kunnen ontvangen, en de status van lopende zaken en transacties kunnen volgen op een gemakkelijke én veilige manier. Voor overheidsorganisaties is MijnOverheid een extra kanaalCommunicatiekanaal dat bij de dienstverlening wordt gebruikt. Elk kanaal kent verschillende vormen waarin informatie kan worden gedeeld. om hun doelgroepen efficiënter te bereiken en daarmee hun diensten toegankelijker te maken en transparantieInzicht in de werkwijze die de overheid hanteert. te claimen.
NHR (Basisregistratie Handelsregister) In het Handelsregister staan alle ondernemers en rechtspersonen in Nederland geregistreerd. Ook groepen die voorheen geen inschrijfplicht hadden, zoals eenmanszaken in de landbouw en beoefenaars van vrije beroepen. Ook gemeenten zijn verplicht per 2010 in het Handelsregister te staan.
Ondernemersplein Het digitaal Ondernemersplein is de plek waar de dienstverlening van de overheid integraal voor de ondernemer wordt ontsloten. Onder dienstverlening worden zowel informatie-uitwisseling als transacties en (digitale) interactie verstaan. Hierbij wordt uitgegaan van het ‘no-wrong-door’ principe. Dit betekent dat het plein een toegang is voor alle ondernemerszaken, maar niet dat al deze zaken/transacties hier ook daadwerkelijk zullen plaatsvinden. Ondernemers hoeven daardoor slechts op één locatie hun informatie te halen, daarnaast kunnen transacties met betrekking tot ondernemen bij overheidspartijen via ondernemersplein.nl gemakkelijk uitgevoerd worden.
Ondernemingsdossier Met het Ondernemingsdossier kunnen ondernemers slim voldoen aan wetten en regels. Daarmee besparen ondernemers en overheden tijd, geld en onnodige ergernis. Ondernemers hebben te maken met een groot aantal regels, toezichthouders en bijbehorende inspectiemomenten en daarom maken ze afspraken over slimmer gegevens uitwisselen.

Het Ondernemingsdossier stelt een ondernemer in staat om bepaalde informatie uit de bedrijfsvoering eenmalig vast te leggen en meerdere keren beschikbaar te stellen aan overheden zoals toezichthouders en vergunningverleners. De ondernemer bepaalt zelf welke overheden toegang hebben tot zijn Ondernemingsdossier. Het Ondernemingsdossier is dan ook van de ondernemer.

Geautoriseerde toezichthouders kunnen actuele gegevens raadplegen en zijn dus beter geïnformeerd over de situatie. Zo kunnen op afstand controles worden uitgevoerd en risico-inschattingen worden gemaakt, zodat gericht toezicht op locatie bij de bedrijven met het hoogste risico mogelijk is. Het Ondernemingsdossier is daarmee een nieuwe manier van samenwerken en informatie delen tussen ondernemers en overheden met als doel de regeldruk te verminderen. Het resultaat: meer tijd om te ondernemen, betere naleving van regels en vereenvoudiging van het toezicht.

In een filmpje is uitgelegd hoe dit werkt.
Online dispute resolution system Het doel van de ODR DSI van CEF is een online platform voor het behandelen van conflicten tussen consumenten en bedrijven uit grensoverschrijdende handel. Dit is een wettelijke verplichting onder 2013/524/EU, die geldt per 9 januari 2016. een voorwaarde van Directive 2013/11/EU, de nationale alternative dispute resolution (ADR) systemen,moeten dan interoperabel zijn en een online portaal opgezet en getest. Een succesvolle pilot werd afgerond in oktober 2013 en juni 2014. Deze DSI heeft dan ook een zeer hoge volwassenheid. De call voor deze DSI sluit op 15 maart 2016, en met een duur van 18 maanden zou dit werkpakket eind 2017 afgerond moeten zijn.
Open data portal Doel van deze DSI van CEF is een pan-Europese digitale infrastructuur voor open data. Open data zijn publieke digitale gegevens, vaak vrijgegeven door overheden, die vrijelijk gebruikt kunnen worden om waardetoevoegende ICT-diensten te ontwikkelen. De Open data portal moet een archief zijn voor metadata over open data (dus de open data zelf wordt niet opgeslagen), en een meertalige zoekmachine met web-interface. Een proof-of-concept staat al op http://publicdata.eu/. De open data portal moet tot stand komen door metadata over open data te vergaren, om te zetten naar een standaard format (DCAT-AP), en middels een API te ontsluiten. De open data support (ODS) action heeft al veel content verzameld. Daarnaast kijkt dit DSI ook naar verbeterkansen, zoals het verrijken en linken van data. Een bèta-versie is gepubliceerd in november 2015 op het European Data Forum Conference, de volledige versie moet in januari 2016 openbaar worden gemaakt. In 2017 moet de ontwikkeling zijn afgerond. Ook wil CEF de Europese open data doen toenemen met 20%, volgens het G8 Open Data charter, en diensten die hiervan gebruik maken doen groeien, door engagement met stakeholders en het publiceren van succesverhalen. De call vanuit CEF sloot op 19 januari 2016.
Overheid.nl Overheidsinformatie (verwijzen naar diverse data, w.o. wetten, bekendmakingen en overheidsorganisaties)
PDOK PDOK biedt een ruime keus aan digitale geo-informatieAlle informatie-objecten die een plaatsgebonden kenmerk hebben: gegevens met een directe of indirecte referentie naar een plaats op het aardoppervlak. van de overheid. De informatie is via een website op te vragen als dataservices en -bestanden. Dit garandeert actuele, betrouwbare en altijd beschikbare geo-informatieAlle informatie-objecten die een plaatsgebonden kenmerk hebben: gegevens met een directe of indirecte referentie naar een plaats op het aardoppervlak.. Bijna elke PDOK service is open en voor iedereen - ook bedrijven en particulieren - kosteloos te gebruiken. De overheid wil hiermee innovatie en gebruik van geo-informatieAlle informatie-objecten die een plaatsgebonden kenmerk hebben: gegevens met een directe of indirecte referentie naar een plaats op het aardoppervlak. stimuleren.


PDOK Geodatastore

PDOK beheert ook de PDOK Geodatastore. Met deze eind 2015 gelanceerde voorziening kan elke overheidsorganisatieNORA doelt met het begrip 'overheidsorganisaties' zowel op overheden als op semi-overheid- en private organisaties met een publieke taak. haar open geodata snel, betrouwbaar en kosteloos uploaden. Vervolgens is die voor iedereen via het Nationaal Georegister (NGR) en data.overheid.nl vindbaar en downloadbaar. Zie https://geodatastore.pdok.nl/web/dut/index

Op de github van GeoNetwork is de broncode van de Geodatastore per 18 januari 2016 beschikbaar via github.com/geocat/core-geonetwork/tree/geodatastore.

Per 18-1-2016 vindt u de API van de Geodatastore op geodatastore.pdok.nl/api/v1. Documentatie over de API staat op geodatastore.pdok.nl/api/v1/docs.
PKIoverheid Uitgifte van certificaten. Een digitaal certificaat van PKIoverheid (Public Key Infrastructure voor de overheid) waarborgt op basis van Nederlandse wetgeving de betrouwbaarheidDe mate waarin de organisatie zich voor de informatievoorziening kan verlaten op een informatiesysteem. De betrouwbaarheid van een informatiesysteem is daarmee de verzamelterm voor de begrippen beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid. van informatie-uitwisseling via e-mail, websites of andere gegevens-uitwisseling.
STESTA Het secure Trans European Services for Telematics between Administrations network (sTESTA) is een fysiek netwerk en een aantal services voor berichtenverkeer, die de samenwerking tussen overheidsorganen in verschillende domeinen faciliteert. Bestaande nationale netwerken voor uitwisseling van gegevens zijn hier op aangesloten of kunnen dit nog doen. De voornaamste focus van de netwerkdiensten is beveiliging en versleuteling voor betrouwbare uitwisseling van bestanden. In Nederland is het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) verantwoordelijk voor de sTESTA aansluiting. De technische aansluiting is belegd bij stichting RINIS.
Safer Internet Deze DSI van [[Connecting Europe Facility {CEF}|CEF]] is een voortzetting van de Europese Safer Internet-programma’s (2000-2013). Deze hadden tot doel kinderen te beschermen door veilig gebruik van het internet (door en voor kinderen) te promoten en illegale of schadelijk online content tegen te gaan. Onder INS@FE werd bewustzijn verhoogd, een netwerk van Safer Internet Centres opgezet, en hulplijnen om kinderen en ouders te informeren geïntroduceerd. Onder INHOPE werden hotlines opgezet om illegale content tegen te gaan.

De Europese strategie “a better internet for kids”(BIK) beoogt hoogwaardige content voor kinderen, bewustzijn en empowerment tegen gevaren voor kinderen, een veilige online omgeving voor kinderen, en het tegengaan van kinderporno. Onder CEF wordt deze strategie verder vormgegeven door het opzetten van speciale diensteninfrastructuur.

Concreet wordt een platform ontwikkeld voor het creëren en delen van middelen en diensten tussen nationale Safer Internet Centres, een single point of contact voor burgers om informatie in te winnen opgezet, en databases en rapportage opgebouwd voor het ondersteunen van hulplijnen en hotlines. De nationale platformen moeten voorzien in awareness centres die bewustzijnscampagnes organiseren en informatie bieden, hulplijnen gerelateerd aan Internetgevaren voor kinderen zoals cyberbullying, en hotlines voor illegale content gerelateerd aan kinderen, zoals opgezet in de Safer Internet programma’s. De vertaaldioenst eTranslation kan hieraan bijdragen.
Samenwerkende catalogi Samenwerkende Catalogi is een verwijsmechanisme voor productinformatie van overheidsorganisaties (zowel lokaal, regionaal als landelijk). Deelnemende organisaties publiceren enerzijds metadata over hun producten conform de Standaard voor Samenwerkende Catalogi. Anderzijds tonen zij de producten van andere organisaties op hun eigen website. Dit verwijsmechanisme wordt gefaciliteerd door de zoekdienst voor Samenwerkende Catalogi. Behalve op de websites van deelnemende organisaties wordt de informatie uit Samenwerkende Catalogi ook getoond op de centrale portalen overheid.nl en Ondernemersplein
Semantics Het Semantics bouwblok maakt semantische interoperabiliteitInteroperabiliteit is het vermogen van organisaties (en hun processen en systemen) om effectief en efficiënt informatie te delen met hun omgeving voor wettelijke en officiële documenten mogelijk. Deze technologie stelt machines in staat dergelijke documenten te lezen voor automatische analyse en verwerking. Semantics creëert concepten voor E-SENS (Electronic Simple European Networked Services), zoals ontologieën en diensten voor het mappen van documenten. Hierbij maakt het o.a. gebruik van de in Interoperability Solutions for Public Administrations (ISA) ontwikkelde bouwsteen Core Vocabularies.
Standard Business Reporting (SBR) Bedrijven in Nederland moeten jaarlijks verplichte financiële rapportages aanleveren aan verschillende partijen, waaronder banken en overheden. Dat kost tijd, geld en energie. Het eenmalig inrichten van de bedrijfsadministratie volgens Standard Business Reporting (SBR) zorgt voor efficiënt hergebruik van gegevens. Met SBR wordt rapporteren beter, sneller en eenvoudiger. SBR is de nationale standaard voor de digitale uitwisseling van alle bedrijfsmatige rapportages. Samen met organisaties uit de markt, zoals accountants, boekhouders, softwareleveranciers en banken heeft de Nederlandse overheid SBR ontwikkeld. Met SBR worden de gegevens in de bedrijfsadministratie eenmalig op een standaard manier vastgelegd. De gegevens zijn eenvoudig te hergebruiken voor verschillende rapportages aan overheidsinstellingen en een aantal banken, doordat de bedrijfsadministratie het bronbestand is. Zo hebben ondernemers en intermediairs minder werk aan het samenstellen en aanleveren van verschillende (verplichte) rapportages.
Stelselcatalogus De Stelselcatalogus is de primaire kennisbron voor informatie over welke gegevens er in het Stelsel van Basisregistraties beschikbaar zijn en wat deze gegevens betekenen (semantiek). Met die informatie kunnen gebruikers gegevens uit de basisregistratieEen bij wet als basisregistratie aangemerkte registratie.(s) makkelijk inpassen in hun eigen werkprocessen. De definities in de Stelselcatalogus zijn overgenomen uit de verschillende basisregistraties. De beheerders van de basisregistraties onderhouden de definities zelf.
Suwinet-Inkijk Één webtoepassing om persoonsgegevens te raadplegen uit systemen van verschillende organisaties.
WOZ (Basisregistratie Waarde Onroerende Zaken) De Basisregistratie Waarde Onroerende Zaken (WOZ) maakt het mogelijk dat de in de WOZ-beschikking vastgestelde WOZ-waarde door alle overheidsorganisaties, die daarvoor een wettelijke regeling hebben, gebruikt kan worden.
Webrichtlijnen Webrichtlijnen is een set van eisen waar alle overheidswebsites aan moeten voldoen. Zo zorgen we voor kwalitatief goede websites. Want informatie op websites moet toegankelijk zijn voor iedereen, ook voor mensen met functiebeperkingen, gebruikers van mobiele telefoons en voor alle mogelijke browsers.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Hulpmiddelen