Lijst Open Standaarden voor Pas Toe of Leg Uit

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken


Voorziening.png

Naam: Lijst Open Standaarden voor Pas Toe of Leg Uit
ID: PToLU-lijst
Type: Voorziening


Cluster: Standaardisatie


Beschrijving

Overheden zijn verplicht de open standaarden, die op de lijst met 'pas toe of leg uit'-standaarden staan, bij aanschaf van ICT-systemen/-diensten te eisen ('pas toe'). Afwijken mag alleen met zwaarwegende reden en hierover moeten ze verantwoording afleggen via het jaarverslag ('leg uit'). Het gaat om standaarden waarvoor wel draagvlak bestaat maar die nog niet breed geadopteerd zijn.

Informatie

https://www.forumstandaardisatie.nl/lijst-open-standaarden/in_lijst/verplicht-pas-toe-leg-uit

Opdrachtgever

Ministerie van Binnenlandse Zaken


Realiseert

Gebruik open standaarden Webrichtlijnen 2, Digikoppeling (Standaarden), SAML (Security Assertion Markup Language), IPv6 en IPv4, OWMS (Overheid.nl Web Metadata Standaard), ODF (Open Document Format) 1.2, NEN-ISO/IEC 27001, NEN-ISO/IEC 27002, SKOS (Simple Knowledge Organization System), BWB, ECLI (European Case Law Identifier), Geo-standaarden, IFC (Industry Foundation Classes), JCDR (Juriconnect Decentrale Regelgeving), JPEG binnen Open Document Format, PDF 1.7, PDF/A-1, PDF/A-2, PNG, VISI, Aquo-standaard, E-portfolio NL, EML NL, NL LOM, NTA 9040 (ihkv het ondernemingsdossier), StUF, SETU-standaard, SIKB 0101, STOSAG (Stuurgroep Open Standaarden Afval en Grondstoffen), CMIS, SIKB 0102, STARTTLS en DANE, WPA 2 Enterprise, Semantisch model e-factureren, WDO Datamodel, OAI-PMH (Open Archives Initiative Protocol for Metadata Harvesting), XBRL en Dimensions, SPF (Sender Policy Framework), DKIM, DNSSEC, TLS

Toepassing standaarden

Er is geen informatie over toepassing van standaarden in deze voorziening opgenomen. Toelichting: Bouwstenen en gebruikte standaarden

Standaard Beschrijving
Aquo-standaard Aquo-standaard – de uniforme taal voor de uitwisseling van gegevens binnen de watersector. De Aquo-standaard maakt het mogelijk om op een uniforme manier gegevens uit te wisselen tussen partijen die betrokken zijn bij het waterbeheer en draagt daarmee bij aan een kwaliteitsverbetering van het waterbeheer. Het eenvoudig en eenduidig delen van informatie leveren tijd- en geldwinst op. De Aquo-standaard is een open standaard en staat op de lijst met ‘pas toe of leg uit‘-standaarden van de overheid en bestaat uit meerdere onderdelen. Alle informatie is vrij toegankelijk en gratis te downloaden.
BWB Citeren, vinden en verbinden van wet- en regelgeving gaat door toepassing van de BWB standaard sneller, eenvoudiger en geeft minder kans op fouten. Gebruik van de standaard biedt daardoor verbetering van interoperabiliteit.

De open standaard BWB biedt een eenduidige manier van verwijzen naar (onderdelen van) wet- en regelgeving.

De laatste versie (versie 1.3.1) maakt het mogelijk om in wet- en regelgeving te kunnen verwijzen naar:

  • taalversies en onderdelen van internationale verdragen,
  • wet- en regelgeving waarvan de indeling niet voldoet aan de gebruikelijke nummering van hoofdstukken en paragrafen, en
  • ruime begrippen zoals “enig artikel”.

De drie Juriconnect standaarden BWB, ECLI en JCDR zijn gericht op standaardisatie van identificatie met het doel om de geïdentificeerde inhoud te delen.

De standaard BWB (Basis Wetten Bestand) is gericht op verwijzing naar geconsolideerde wet- en regelgeving. Voor verwijzing naar wet- en regelgeving of onderdelen daarvan in wetten.overheid.nl, is aan elke regeling een uniek identificatienummer (BWBID) toegekend. De Juriconnect standaard voor BWB beschrijft hoe deze verwijzing wordt vormgegeven. Nota bene: op de website van Juriconnect wordt de BWB standaard ook wel aangeduid als de standaard "logische links naar wetgeving".

De standaard JCDR (Juriconnect Decentrale Regelgeving) is gericht op identificatie van en verwijzing naar geconsolideerde decentrale regelgeving. Elke overheid legt een collectie algemeen verbindende voorschriften aan met de teksten van verordeningen en keuren, waarin de later vastgestelde wijzigingen zijn verwerkt (geconsolideerde vorm). Deze collectie is de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR). De Juriconnect standaard voor decentrale voorzieningen beschrijft hoe dient te worden verwezen naar documenten die in CVDR zijn opgeslagen.

De ECLI standaard (European Case Law Identifier) is gericht op identificatie voor citatie in het juridische domein. De ECLI is een Europese standaard notatie voor het uniek identificeren van jurisprudentie, met een sterke basis en input vanuit LJN (Landelijk Jurisprudentie Nummer). De standaard beschrijft de wijze waarop, met behulp van een Uniform Resource Identifier (URI), kan worden verwezen naar een European Case Law Identifier.
CMIS Content Management Interoperability Services (CMIS) is een open standaard die een scheiding mogelijk maakt tussen zogenaamde ‘content repositories’ en content applicaties. Hierdoor kunnen content (ongestructureerde data, zoals documenten en e-mails) en bijbehorende metadata (beschrijvende data) gemakkelijker worden uitgewisseld. Met behulp van CMIS kunnen applicaties als Content Management Systemen (CMS) en Document Management Systemen (DMS) werken met content die afkomstig is uit verschillende repositories (een soort van opslagplaats voor ongestructureerde data), zonder nieuwe koppelingen te hoeven bouwen of gebruik te hoeven maken van leverancierseigen oplossingen. Het is hierdoor eenvoudiger om informatie en de bijbehorende metadata uit verschillende databases en over organisatiegrenzen heen uit te wisselen. Bovendien is het met CMIS eenvoudiger om te migreren van een systeem naar een ander systeem.
DKIM DKIM (DomainKeys Identified Mail Signatures) koppelt een e-mail aan een domeinnaam met behulp van een digitale handtekening. Het stelt de ontvanger in staat om te bepalen welke domeinnaam (en daarmee welke achterliggende organisatie) verantwoordelijk is voor het zenden van de e-mail. Daardoor kunnen spam- en phishing-mails beter worden gefilterd.
DNSSEC DNS is kwetsbaar waardoor een kwaadwillende een domeinnaam kan koppelen aan een ander IP-adres ("DNS spoofing"). Gebruikers kunnen hierdoor bijvoorbeeld worden misleid naar een frauduleuze website. Domain Name System Security Extensions (DNSSEC) lost dit op. DNSSEC is een cryptografische beveiliging die een digitale handtekening toevoegt aan DNS-informatie. Op die manier wordt de integriteit van deze DNS-informatie beschermd. Aan de hand van de digitale handtekening kan een internetgebruiker (onderwater en volledig automatisch m.b.v. speciale software) controleren of een gegeven DNS-antwoord authentiek is en afkomstig is van de juiste bron. Zodoende is met grote waarschijnlijkheid vast te stellen dat het antwoord onderweg niet is gemanipuleerd.
Digikoppeling (Standaarden) Digikoppeling bestaat uit een set standaarden voor elektronisch berichtenverkeer tussen overheidsorganisaties.

Digikoppeling onderkent twee hoofdvormen van berichtenverkeer:

  • Bevragingen; een vraag waar direct een reactie op wordt verwacht. Hierbij is snelheid van afleveren belangrijk. Als een service niet beschikbaar is, dan hoeft de vraag niet opnieuw worden aangeboden.
  • Meldingen; men levert een bericht en pas (veel) later komt eventueel een reactie terug. In dat geval is snelheid van afleveren minder belangrijk. Als een partij even niet beschikbaar is om het bericht aan te nemen, dan is het juist wel gewenst dat het bericht nogmaals wordt aangeboden.

Aan versie 2.0 van Digikoppeling is o.a. de specifiactie voor grote berichten toegevoegd, de mogelijkheid om attachments toe te voegen en om security op berichtniveau toe te passen.

Digikoppeling versie 2 is backward compatible met versie 1.

Digikoppeling 3.0 is op dit moment in behandeling bij het Bureau Forum Standaardisatie voor opname, 2.0 is de versie die op de Lijst Open Standaarden voor Pas Toe of Leg Uit staat.
E-portfolio NL NTA 2035 E-portfolio NL is een toepassingsprofiel voor studenten en werknemers bij Nederlandse organisaties, van de internationale IMS ePortfolio specificatie. Hiermee kunnen de competenties van een individu worden bijgehouden. Het voordeel van deze standaard is dat de student/lerende medewerker zijn profiel mee kan nemen naar verschillende organisaties.
ECLI (European Case Law Identifier) Met de ECLI standaard kunnen:
  1. alle rechterlijke uitspraken in de Europese Unie (zowel van nationale als van Europese gerechten) worden voorzien van een gelijkaardige, unieke en persistente identifier. Deze identifier kan worden gebruikt voor identificatie en citatie van rechterlijke uitspraken en derhalve om deze te vinden in binnenlandse of, buitenlandse, Europese of internationale jurisprudentiedatabanken.
  2. alle rechterlijke uitspraken worden voorzien van uniforme metadata, gebaseerd op de Dublin Core standaard. Het zoeken van uitspraken in allerlei databanken worden daardoor gefaciliteerd.
EML NL Nederlands toepassingsprofiel op de Election Markup Language. De EML_NL standaard versie 1.0 definieert de gegevens en de uitwisseling van gegevens bij verkiezingen die vallen onder de Nederlandse Kieswet. Het gaat daarbij om de uitwisseling van kandidaatgegevens en uitslaggegevens.
Geo-standaarden In Nederland (en ook daarbuiten) zijn veel organisaties betrokken bij het registreren en uitwisselen van informatie met een geografische component. Dat wil zeggen: informatie over objecten die gerelateerd zijn aan een locatie ten opzichte van het aardoppervlakte. Hierbinnen zijn verschillende domeinen te onderkennen, zoals kadastrale informatie en informatie over waterhuishouding. Om te waarborgen dat de geo-informatiehuishouding van deze domeinen goed op elkaar aansluit, en dat informatie tussen domeinen uitgewisseld kan worden, zijn afspraken nodig over de te gebruiken standaarden.

De basisset Geo-standaarden voorziet hierin. De set bestaat uit:

IFC (Industry Foundation Classes) Uitwisseling van 3D-bouwinformatiemodellen
IPv6 en IPv4 Internet Protocol versie 6 (IPv6) maakt communicatie van data tussen ICT-systemen binnen een netwerk, zoals internet, mogelijk. De standaard bepaalt dat ieder ICT-systeem binnen het netwerk een uniek nummer (IP-adres) heeft. De belangrijkste motivatie voor de ontwikkeling van IPv6 was het vergroten van de hoeveelheid beschikbare adressen ten opzichte van de tegenwoordig gangbare voorganger IPv4.
JCDR (Juriconnect Decentrale Regelgeving) De standaard biedt een eenduidige manier van verwijzen naar (onderdelen van) decentrale regelgeving waarmee de interoperabiliteit van juridische documenten en systemen die veel verwijzingen kennen naar decentrale regelgeving wordt bevorderd.
JPEG binnen Open Document Format JPEG is een formaat voor afbeeldingen dat gebruik maakt van niet-omkeerbare datacompressie (ofwel lossy compression).
NEN-ISO/IEC 27001 ISO 27001 specificeert eisen voor het vaststellen, implementeren, uitvoeren, bewaken, beoordelen, bijhouden en verbeteren van een gedocumenteerd Information Security Management System (ISMS) in het kader van de algemene bedrijfsrisico's voor de organisatie. Het ISMS is ontworpen met het oog op adequate en proportionele beveiligingsmaatregelen die de informatie afdoende beveiligen en vertrouwen bieden.
NEN-ISO/IEC 27002 ISO 27002 'Code voor informatiebeveiliging' geeft richtlijnen en principes voor het initiëren, het implementeren, het onderhouden en het verbeteren van informatiebeveiliging binnen een organisatie. ISO 27002 kan dienen als een praktische richtlijn voor het ontwerpen van veiligheidsstandaarden binnen een organisatie en effectieve methoden voor het bereiken van deze veiligheid.
NL LOM In deze afspraak staat beschreven welke metadata toegekend moeten worden aan educatieve content om de vindbaarheid en vergelijkbaarheid te vergroten. Metadata beschrijven de kenmerken van leerobjecten. Deze afspraak is gemaakt voor de sectoren primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs.
NTA 9040 (ihkv het ondernemingsdossier) In de aangemelde NTA worden afspraken over het koppelvlak waarover informatie wordt uitgewisseld binnen het ondernemingsdossier-concept beschreven. De standaard maakt het mogelijk dat meerdere aanbieders en branches in verschillend tempo en met eigen invulling een ondernemingsdossier kunnen starten.
OAI-PMH (Open Archives Initiative Protocol for Metadata Harvesting) OAI-PMH is een standaard voor harvesting van metadata uit repositories. Met metadata worden kenmerken van en extra opgeslagen informatie over een document of ander object bedoeld. Te denken valt aan auteursgegevens, titel, uitgever, taal, etc. Een repository is een bibliotheek met documenten/objecten (ook wel ‘content’ genoemd), bijvoorbeeld een (digitaal) archief. OAI-PMH maakt het mogelijk om deze metadata (dus niet de documenten/objecten zelf) uit verschillende repositories te verzamelen. Vanuit een centraal systeem kan dan gezocht worden naar documenten/objecten in de verschillende aangesloten repositories.
ODF (Open Document Format) 1.2 Standaard voor tekstdocumenten, (vector-)tekeningen, presentaties en rekenbladen (spreadsheets).
OWMS (Overheid.nl Web Metadata Standaard) OWMS is een semantische standaard voor metadata, de eigenschappen om informatieobjecten mee te beschrijven. Het voorschrijven van een semantische standaard voor metadata verhoogt de vindbaarheid en de samenhang van informatie die door overheidsorganisaties wordt aangeboden op internet.
PDF 1.7 PDF v1.7 specificeert een bestandsformaat voor het weergeven van elektronische documenten. Het uitgangspunt van de standaard is dat het gebruikers mogelijk wordt gemaakt documenten uit te wisselen en te bekijken; zowel onafhankelijk van de omgeving waarin ze zijn gecreëerd, alsook de omgeving waarin ze worden uitgeprint of bekeken. Elk PDF v1.7 document bevat een complete beschrijving van een document inclusief tekst/font objects (embedded of met typeface beschrijving)/afbeeldingen/audio/video en 2D/3D graphics.
PDF/A-1 Dit deel van ISO 19005 specificeert hoe Portable Document Format (PDF) 1.4 voor lange termijn archivering van elektronische documenten dient te worden gebruikt. Het heeft betrekking op documenten die combinaties van data in de vorm van karakters, rasters en vectoren bevatten.
PDF/A-2 PDF/A-2 slaat de brug tussen PDF/A-1 en PDF 1.7 waarbij PDF/A-2 een betere geschiktheid heeft voor langdurig archiveren van documenten waar “elementen” in zitten die niet door PDF/A-1 worden ondersteund en waarbij PDF 1.7 kan worden gebruikt voor “elementen” die niet door PDF/A-2 ondersteund worden.
PNG PNG is een formaat voor rasterafbeeldingen (ofwel bitmaps) dat gebruik maakt van exact omkeerbare datacompressie (ofwel lossless compression).
SAML (Security Assertion Markup Language) Federatieve (web)browser-based single-sign-on (SSO) en single-sign-off. Dat wil zeggen dat een gebruiker na eenmalig inloggen via zijn browser toegang krijgt tot verschillende diensten van verschillende partijen.
SETU-standaard De SETU-standaard is de Nederlandse implementatie van de internationale HR-XML standaard en is ontwikkeld door de grote uitzendorganisaties. Door toepassing van de SETU standaard ontstaat uniformering van het elektronisch berichtenverkeer tussen aanbieders en afnemers (inleners) van tijdelijk personeel (flexibele arbeid). Dit leidt tot vereenvoudiging van het inhuurproces.
SIKB 0101 Overheden (Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen) en instellingen uit de (semi-)publieke sector kunnen met SIKB0101 bodemkwaliteitsgegevens, inclusief geografische en administratieve gegevens, uitwisselen. De meerwaarde van SIKB0101 is dat het ertoe bijdraagt dat partijen in het bodembeheer snel en foutloos gegevens kunnen uitwisselen. Dit biedt voordelen voor de bescherming van het milieu en de volksgezondheid.

SIKB0101 is een standaard voor de uitwisseling van gegevens voor de milieuhygiënische data binnen het bodembeheer. Het gaat daarbij om het vaststellen of voorkomen van schadelijke gevolgen voor de volksgezondheid en het milieu ten gevolge van bodemvervuiling. Een onderdeel van het gebruik is het aanleveren van bodemkwaliteitgegevens aan landelijke registratiesystemen voor bodemkwaliteit (GLOBIS), aan lokale systemen (bodem informatiesystemen provincies en gemeenten) en aan TOWABO, het landelijke systeem voor de toetsing van waterbodems (o.a. vervuild slib). GLOBIS wordt decentraal beheerd en er zijn meerdere implementaties van dit systeem in gebruik. Daarvoor is SIKB0101 de de facto standaard.

De verplichting geldt bij de investering in een systeem of dienst waarmee kwaliteitsgegevens van bodems uitgewisseld worden.
SIKB 0102 Met SIKB0102 kunnen overheden en bedrijven gestandaardiseerde archeologische informatie uitwisselen. Dankzij het gebruik van de SIKB0102-uitwisselingsstandaard zijn archeologische onderzoeksgegevens voor iedereen online beschikbaar. Deze gegevens zijn transparant opgezet en beschreven, wat ten goede komt aan het vertrouwen in de kwaliteit van de beschikbare digitale documentaties. Het koppelen van verschillende datasets - bijvoorbeeld in het kader van een synthetiserend onderzoek - wordt vereenvoudigd. Hierdoor kan er met minder inspanning meer kenniswinst worden geboekt. Bedrijfsprocessen lopen efficiënter in een digitaal traject dan in een analoog traject.

Een opgravende instantie, overheidsorganisatie of een bedrijf dat archeologisch onderzoek en/of vondsten doet heeft een wettelijke plicht om binnen twee jaar na afronding van de opgraving de verzamelde informatie beschikbaar te stellen aan een aantal depots (landelijk, provinciaal en/of gemeentelijk). De structuur, het formaat en de waarden voor de digitale uitwisseling van deze informatie wordt beschreven in de SIKB0102-standaard.

De verplichting geldt bij een investering in een systeem of dienst dat wordt gebruikt voor de uitwisseling van archeologische informatie, verzameld tijdens het uitvoeren van archeologisch onderzoek en/of bij een archeologische vondst.
SKOS (Simple Knowledge Organization System) SKOS is een uitwisselbaar gegevensmodel voor het delen en linken van systemen voor kennisrepresentatie via het Web. Veel systemen voor kennisrepresentatie zijn gegrondvest op eenzelfde conceptueel kader. Voorbeelden zijn thesauri, taxonomieën, begrippenwoordenboeken, classificatieschema’s en systemen voor trefwoordtoekenning. Ze worden vaak gebruikt in vergelijkbare applicaties. SKOS maakt de overeenkomstige structuurelementen expliciet volgens een generieke standaard. Doordat SKOS voortbouwt op de standaarden RDF, RDFS en OWL (zie hierboven) zijn de kennisrepresentaties bruikbaar voor computerprogramma’s (“machine readable”) en kunnen deze uitgewisseld worden tussen applicaties en gepubliceerd worden op het Web.
SPF (Sender Policy Framework) SPF controleert of de mailserver die een e-mail wil versturen namens het e-maildomein deze e-mail mag verzenden. SPF specificeert een technische methode om afzenderadres-vervalsing detecteerbaar te maken. SPF biedt de mogelijkheid te controleren of een bericht aangeleverd wordt vanaf een server die daartoe gerechtigd is. Dit doet SPF door de authenticiteit van de domeinnaam in het afzenderadres van de ontvangen mail herleidbaar te maken via de in DNS gepubliceerde IP-adressen van de verzendende mailserver(s). Indien een mailserver niet in de lijst met gepubliceerde IP-adressen staat (de zogeheten SPF-records) maar toch mail verstuurt met het betreffende domein als afzender, dan wordt de mail als niet geauthenticeerd beschouwd.
STARTTLS en DANE STARTTLS in combinatie met DANE gaan het afluisteren of manipuleren van mailverkeer tegen. STARTTLS maakt het mogelijk om transportverbindingen tussen e-mailservers op basis van certificaten met TLS te beveiligen. Met de complementaire standaard DANE kunnen e-mailservers het gebruik van TLS bovendien afdwingen.

Het standaardprotocol voor het transport van e-mail, SMTP, werkt zowel over beveiligde als onbeveiligde verbindingen. Met de opkomst van cybercriminaliteit wordt het steeds belangrijker dat e-mailservers gebruikmaken van met certificaten beveiligde verbindingen voor het transport van mailberichten.

STARTTLS zorgt ervoor dat de verzendende e-mailserver en de ontvangende e-mailserver het eens worden over het gebruik van een met TLS beveiligde, dan wel een onbeveiligde verbinding. Als één van de partijen geen beveiligde verbinding accepteert, valt SMTP normaalgesproken terug op een onbeveiligde verbinding. Dit werkt afdoende tegen passieve aanvallers. Actieve aanvallers kunnen echter deze STARTTLS-onderhandeling manipuleren zodat een e-mail over een onbeveiligde verbinding wordt verstuurd. Vervolgens kunnen ze de e-mail onderscheppen met alle gevolgen van dien.

DANE, dat voortbouwt op DNSSEC, zorgt er in combinatie met STARTTLS voor dat een verzendende e-mailserver de authenticiteit van een ontvangende e-mailserver kan controleren en weet dat deze laaste e-mailserver slechts beveiligde verbindingen accepteert. Een actieve aanvaller kan daardoor niet langer de STARTTLS-onderhandeling manipuleren om een onbeveiligde verbinding te forceren.

Volledige namen:

"SMTP Service Extension for Secure SMTP over Transport Layer Security" (STARTTLS) en "SMTP Security via Opportunistic DNS-Based Authentication of Named" (DANE)
STOSAG (Stuurgroep Open Standaarden Afval en Grondstoffen) Container- en Pasmanagement voor Afval en Grondstoffen
Semantisch model e-factureren Het Semantische factuurmodel is een standaard voor elektronisch factureren. Het model geeft duidelijkheid aan overheden en bedrijven (gebruikers en ICT-aanbieders) over de elementen en gegevens die op facturen naar overheidsorganisaties gebruikt dienen te worden (specifiek voor de Nederlandse situatie). De standaard beschrijft welke gegevenselementen er in een elektronische factuur opgenomen dienen en kunnen worden, wat de samenhang is tussen deze elementen en wat de betekenis is van deze elementen. Daarnaast bevat de standaard mappings van de gegevenselementen naar SETU (staat op de 'pas toe of leg uit' –lijst) en de internationale UBL standaard zoals UBL SI (Simpler Invoicing) en UBL OHNL. Dit zijn twee veelgebruikte standaarden voor elektronisch factureren. Dankzij de mappings kunnen gebruikers van deze standaarden op een eenvoudige uniforme wijze elektronisch naar de overheid factureren. Mappings naar andere standaarden zijn bovendien ook mogelijk.
StUF StUF is een universele berichtenstandaard voor het elektronisch uitwisselen van gegevens tussen applicaties. Het domein van de StUF-taal omvat informatieketens tussen overheidsorganisaties (basisregistraties en landelijke voorzieningen) en gemeentebrede informatieketens en -functionaliteit. StUF is beschreven in XML en gebaseerd op geaccepteerde internetstandaarden.
TLS TLS is een protocol, dat tot doel heeft om beveiligde verbindingen op de transportlaag over het internet te verzorgen. De standaard wordt gebruikt bovenop standaard internet transport protocollen (TCP/IP) en biedt een beveiligde basis, waar applicatie protocollen als HTTP (webverkeer) of SMTP en IMAP (mailuitwisseling) op hun beurt weer op kunnen bouwen en gebruik van kunnen maken.
VISI VISI is een door de Nederlandse bouwsector geaccepteerd afsprakenstelsel voor de digitale uitwisseling van formele communicatie.
WDO Datamodel Het WDO Datamodel is in 1997 opgezet vanuit de G7 naar aanleiding van de wens van het bedrijfsleven om gegevensaanlevering van het bedrijfsleven naar de overheid op het gebied van grensoverschrijdend personen- en goederenverkeer meer te simplificeren en te harmoniseren. Aangevers worden op dit moment geconfronteerd met het feit dat men dezelfde gegevens vaak meerdere keren moet aanleveren, op verschillende manieren, aan verschillende overheidsinstanties en in verschillende landen. Op 3 oktober 2016 is versie 3.5 van het WDO Datamodel door de Europese Commissie op de lijst met ICT-specificaties gezet waarnaar overheden bij aanbestedingen et cetera kunnen verwijzen.
WPA 2 Enterprise Steeds meer komt het voor dat medewerkers van overheidsorganisaties WiFi-toegang nodig hebben op andere locaties dan hun eigen werkplek. Als de gastlocatie WiFi-toegang biedt met een gedeeld wachtwoord, dan moeten zij handmatig een verbinding maken met het WiFi-netwerk door het gedeelde wachtwoord in te geven. Dit is onveilig en inefficiënt. WPA2 Enterprise (Wi-Fi Protected Access II Enterprise) maakt het mogelijk dat gebruikers automatisch en veilig toegang krijgen tot aangesloten WiFi-netwerken via authenticatie op basis van bestaande identiteitsgegevens. Diensten zoals Govroam, Rijk2Air en Eduroam maken al gebruik van WPA2 Enterprise, en bieden WiFi-toegang met een hoog beveiligingsniveau zonder dat de gebruiker extra handelingen hoeft te verrichten.
Webrichtlijnen 2 Kern van de Webrichtlijnen is een set van 125 richtlijnen. Deze benoemen de eisen die moeten worden gesteld om een toegankelijke en kwalitatief hoogwaardige website te realiseren. De handleiding geeft aan hoe webbouwers deze eisen concreet kunnen toepassen en hoe opdrachtgevers de eisen kunnen controleren. Verder is er een toets beschikbaar waarmee gedeeltelijk kan worden gecontroleerd in welke mate een webpagina aan de gestelde eisen voldoet. De Webrichtlijnen zijn opgesteld in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Ze bouwen voort op de algemeen bekende webstandaarden en op de toegankelijkheidsrichtlijnen van het W3C (World Wide Web Consortium).
XBRL en Dimensions Organisaties wisselen bedrijfsinformatie uit op de meest uiteenlopende manieren (op papier of elektronisch, als Word-document, als Pdf, als spreadsheet, etc.). XBRL, eXtensible Business Reporting Language, is een internationale open standaard om deze gegevens op eenvoudige wijze te verzamelen, elektronisch uit te wisselen, te analyseren en zonodig nader te bewerken.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Hulpmiddelen